Kerstpakket met herinneringen

Het is donderdag 12 december 2013. Ik ben boven bezig als er aan de deur wordt gebeld. Ik loop naar beneden en zie een bestelauto in de straat staan. De chauffeur dacht waarschijnlijk dat ik niet thuis was en heeft inmiddels bij de buren aangebeld. Ik kijk om het hoekje en roep dat ik er ben. “O, de buurman is wel thuis”, hoor ik hem tegen de buurvrouw zeggen. Hij komt mijn kant oplopen en roept: “Kerstpakket van de Technische Unie.” Ik teken voor ontvangst. “Hij is formidabel. Veel plezier ermee”, zegt de chauffeur.

Ik loop met het pakket naar de woonkamer en zet het op de grond. Ik pak een mesje om het plakband open te snijden, maar voordat ik dat doe ga ik eerst even op de bank zitten. Ik voel kippenvel en moet even slikken. Ik kijk naar de foto die op de legerkist naast de bank staat en zeg: “Je kerstpakket is er.” Heel even lijkt het of  Tiny’s glimlach op de foto breder wordt. Ik pak het mesje. Van voorgaande jaren weet ik dat er behalve allerlei lekkernijen en geschenken ook herinneringen zichtbaar worden. Ik open de doos.

Mijn gedachten gaan terug naar 16 maart 2007. Tiny ligt in het bed bij het raam. De kinderen en ik zitten bij het bed. We weten dat Tiny om 12.00 uur de injectie zal krijgen die een einde maakt aan haar lijden en haar leven. Ze geeft me nog allerlei opdrachten. Op een gegeven moment zegt ze: “Als je vanmiddag de TU belt om te zeggen dat ik er niet meer ben, wil je ze dan op het hart drukken dat ze de radio aan laten. Er moet gewoon muziek zijn.” Ik beloof het. Een paar uur later bel ik de Technische Unie. Ik breng ze op de hoogte van het overlijden van Tiny en vertel van de muziek. “Dat is niet gebruikelijk”, zegt de medewerkster die ik aan de lijn heb. “Als een collega is overleden gaat de muziek uit.” “Ik weet het”, zeg ik, “maar het is Tiny’s uitdrukkelijke wens dat de muziek aan blijft.” “Dan zullen we dat respecteren”, zegt de medewerkster.

Ik ga met mijn handen door de doos. Hij is zoals altijd goed gevuld. En natuurlijk ontbreekt de kalender niet. De kalender van de Technische Unie, het bedrijf waar Tiny een aantal jaren met heel veel plezier heeft gewerkt. Ze werkte er in de avonduren, soms tot na middernacht. Het was hard werken, maar dat deerde haar niet. Tiny hield van aanpakken. En van plezier maken. Dat deed ze dan ook volop met haar collega’s. Ze ging altijd met plezier naar haar werk. Maar heel soms kwam ze aangeslagen thuis. Dat was als er een collega was overleden. Zo’n gebeurtenis greep haar aan. Ze had het er moeilijk mee. In het bedrijf ging op zo’n dag de muziek uit. Tiny begreep dat wel, maar het maakte het werken voor haar op zo’n avond loodzwaar. “Als mij wat overkomt, moeten ze de muziek aan laten”, zei ze dan tegen me. En zo is het gebeurd.

Ik kijk verder in de doos. Ook deze keer zit er weer iets in waar je lange tijd plezier van kunt hebben. Ik kijk om me heen en zie her en der spullen die uit eerdere kerstpakketten van de Technische Unie afkomstig zijn. Bovenop de vitrinekast waarin de urn en persoonlijke spullen van Tiny een plek hebben gekregen, staat een miniatuur van de vrachtauto van de Technische Unie. In de kast ligt nog een keycord met naam en logo van het bedrijf en zo zijn er nog wel meer spullen. Tiny noemde de TU, zoals dat hier in huis werd uitgesproken, vaak een grote familie. Dat gevoel heb ik zelf ook mogen ervaren. Tijdens het grote feest in 2005 ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van het bedrijf, tijdens de ziekte van Tiny toen wij veel van haar collega’s mochten ontvangen en na haar overlijden toen een delegatie van het bedrijf mij bezocht om een aantal zaken te regelen.

Ik sluit de doos. Dankbaar voor de herinneringen die het pakket me dit jaar weer bracht. De Technische Unie blijft voor mij een mooi en warm bedrijf.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *