Lieve Tien (3) – Extra kaarsje op 16 maart

Het is vrijdag 15 maart. Het is koud en het sneeuwt. Hoe anders was dat zes jaar geleden. Het was toen al dagen prachtig lenteweer. Je kon gewoon zonder jas naar buiten. Ik zie het nog heel helder voor me. Terwijl ik normaal gesproken diep na moet denken als me wordt gevraagd wat voor weer het vorige week was. Dat ben ik al snel vergeten. Maar maart 2007 staat in mijn geheugen gegrift en beleef ik elk jaar opnieuw. Morgen is het 16 maart, de dag waarop mijn kinderen en ik in 2007 afscheid moesten nemen van Tiny.~~~~

~~~~Het is vrijdag 16 maart 2007. Ik schrik wakker van het geluid van de wekker die op de salontafel staat. Half acht. Ik sta op van de bank, die al een week of twee mijn slaapplaats is. Ik slaap met mijn hoofd vlak naast het bed waar Tiny in ligt. Zo kan ze mij aan mijn haren trekken als ze ’s nachts hulp nodig heeft. Ze moest erom lachen toen ik het haar zei. Ze heeft er geen gebruik van gemaakt. En dat zal zij ook niet gaan doen, schiet het door me heen als ik opsta. Want straks, om 12.00 uur, zal Tiny er niet meer zijn.

Ik kijk naar Tiny. Ze slaapt. ‘Hoe kun je in vredesnaam slapen als je weet dat je leven binnen enkele uren ophoudt?’, denk ik . Maar tegelijkertijd realiseer ik me dat ik zelf ook heb geslapen, terwijl ik vooraf had gedacht dat ik geen oog dicht zou doen. “Het is goed zo”, zeg ik zacht terwijl ik de gordijnen openschuif. We hebben alles goed doorgesproken, goed voorbereid en er intens naar toegeleefd. Tiny wordt wakker. Ze kijkt me aan en er verschijnt een intens gelukkige glimlach op haar gezicht. “Het is bijna zover, meid”, is alles wat ik op dat moment kan uitbrengen. We omhelzen elkaar en met het laatste restje van haar kracht houdt Tiny me even stevig vast. “Dankjewel”, fluistert ze.

Ik maak me los uit de omhelzing. Voordat het 12.00 uur is moet er nog heel wat gedaan worden. Ik ga naar boven, naar de badkamer. Snel tanden poetsen, scheren, onder de douche door rennen en de kinderen wakker maken. Dan de scholen van de kinderen bellen om te zeggen dat ze vandaag niet naar school komen omdat hun moeder straks zal overlijden. Ik hoor het mezelf bijna zakelijk zeggen. Maar lang tijd om daarover na te denken heb ik niet, want de verpleegkundige arriveert. Zij komt Tiny wassen en een infuusnaald met daaraan een slangetje aanbrengen. Terwijl zij daar mee bezig is, ga ik even naar buiten. Ik rook de ene na de andere sigaret en probeer me voor te stellen hoe het straks zal zijn, zonder Tiny.

Om 10.00 uur gaat de telefoon. De behandelend oncoloog van de Dr. Daniël den Hoedkliniek in Rotterdam belt om te vragen hoe het gaat. Ik vertel haar dat Tiny straks aan haar laatste reis begint. “Dat verbaast me niet”,zegt de arts. “Ik vind het helemaal bij jullie passen. Wens Tiny een behouden reis.” “Lief mens”, zegt Tiny nadat ik haar de woorden van de arts heb overgebracht. Dan gaan mijn kinderen en ik bij het bed zitten. Poes Ollie, doorgaans niet echt een knuffelpoes, springt uit zichzelf op het bed en kijkt Tiny aan alsof ze zeggen wil: ik weet heus wel wat er gaat gebeuren.

We praten wat en kijken naar buiten. De zon schijnt. Uit een tuin twee huizen verderop stijgen zeepbellen op. “Die gaan je vast voor”, zeg ik tegen Tiny. Ze glimlacht, probeert haar arm wat op te heffen en wijst naar buiten. “Je moet wel de schuurdeur laten maken en die plantenbos daar snoeien. En vergeet niet Bas een kaart te sturen voor zijn verjaardag.” We moeten er allemaal om lachen. Zij, die er over een half uur niet meer zal zijn, geeft mij op het laatste moment nog wat opdrachten. “Ik hou van je. En daarom kan ik je ook laten gaan”, zeg ik als we uitgelachen zijn. “Ik hou van jou”, fluistert Tiny. “Al vanaf het eerste moment dat ik je zag. Ik wilde jou en niemand anders. En daar heb ik nooit spijt van gehad.” Tranen rollen over mijn wangen. Dit is het mooiste wat je als man kunt horen.

Even voor 12.00 uur komt de huisarts. Hij is samen met een huisarts in opleiding. We praten nog even wat en dan gaan de artsen de keuken in om de injectie voor te bereiden. Dianne, Marnix en ik nemen afscheid van Tiny. De huisarts komt de kamer weer in en gaat op zijn knieën bij het bed zitten. Tiny bedankt hem voor alles wat hij voor haar heeft gedaan. Dan strekt zij vol overtuiging haar arm in zijn richting. Dat beeld zal ik nooit vergeten. Die overtuiging, die overgave. Dat is mijn Tiny.~~~~

~~~~Morgen is het 16 maart 2013. Dan branden we een extra kaarsje en zal ook Simply Red weer klinken. En dat allemaal tussen het draaien van wassen en een klusje voor mijn werk door. Want het leven gaat verder.

Maar, lieve Tien, weet dat wij nog heel vaak aan je denken en over je praten. Niet alleen op 16 maart. En ik wil je ook nog laten weten dat ik er supertrots op ben dat jij mijn vrouw wilde zijn.

PS

O ja, ik weet niet of jij daar boven enige invloed kunt uitoefenen, maar misschien kun je proberen ze daar over te halen om een punt te zetten achter de winter en het voorjaar in te zetten. Net als zes jaar geleden.

  1. Lieve Gert,

    Wat mooi dat je Tiny kon laten gaan. Dat ze de ruimte kreeg om te gaan, dat het mocht… #truelove

    En…
    …blijf schrijven! Ik geniet van de eieren die je legt.

    Big hug,
    Zita

  2. Helene Ouwerkerk op

    Wat mooi geschreven Gert! Ook al heb je me al eerder over jullie afscheid verteld, ik heb het met tranen in mijn ogen gelezen. Ik weet zeker dat Tiny trots op jou en de kinderen is. Sterkte morgen.
    Groetjes
    Helene

  3. Tet Bannink op

    Wat prachtig om dit zo te verwoorden, heel emotioneel dat wel. Even wat tranen moeten laten. Ben diep geraakt! Respect!

  4. Marianne Suidgeest op

    Lief Kievitseitje, je bent echt aan het uitkomen, opbloeien. Mooi om te zien, dat je zo uit je nest komt en na al die tijd weer zo prachtig kan schrijven. Het ontroerde me, terwijl ik die lieve vrouw, moeder en Tien niet eens gekend heb! Liefdevol geschreven over een dame die je niet kan en mag vergeten. De moeder van jullie kinderen. De vrouw van je leven. Sterkte, vooral morgen, tussen de wasjes door.

  5. Anna op

    En weer lees ik jullie bijzondere verhaal met een brok in m’n keel. Hoe sterk kun je zijn. Wat een geweldige vrouw is jouw Tiny! Hoop dat jullie morgen een mooie dag hebben met elkaar. Enne …. wat mij betreft mag de lente ook komen!

  6. Ik heb geen ‘toverwoorden’ voor troost, Gert.
    Maar wel een zin van de publicist Daan Westerink…’De dood kun je geen plekje geven, de liefde wel’.

    Dank je wel voor het delen van dit ontroerende, in-trieste, maar toch mooie en heel erg liefdevolle afscheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *